Placeholder image

Minikoraal mist Jochem Myjer. ’Neem van mij aan dat ik baal als een stekker’

30 september 2016
Drie ach­ter­een­vol­gen­de ja­ren zong Jo­chem Myjer mee met het Mi­ni­ko­raal: ge­noeg om on­mis­baar te wor­den. Gis­te­ren was hij er niet bij op de Ga­ren­markt, en de kin­de­ren had­den daar maar één woord voor: ,,Boe­oe­oe­oeh!’’ (Bron: Leidsch Dagblad, 30 september 2016)

De Leid­se ko­miek vindt het zelf ook ver­schrik­ke­lijk, laat hij via Twit­ter we­ten. ,,Neem van mij aan dat ik baal als een stek­ker. Het blijft een hoog­te­punt­je van het jaar om het Leid­se hart van de kin­de­ren te la­ten gloei­en.’’ Myjer is twee da­gen aan het re­pe­te­ren en op­tre­den in De­ven­ter, als voor­be­rei­ding op zijn nieu­we voor­stel­ling 'A­dem in, adem uit’. ,,Ik had 1 ok­to­ber en 30 sep­tem­ber in m’n agen­da ge­blockt'', meldt hij. Daar­bij had hij het Mi­ni­ko­raal over het hoofd ge­zien. Dat zal niet nog een keer ge­beu­ren, be­looft Myjer. ,,Vol­gend jaar ben ik er weer bij.’’

Dat is je ge­ra­den, vindt Eric Fi­le­mon ali­as bur­ge­mees­ter Van der Werf op de Ga­ren­markt. ,,Hé, Jo­chem, luis­ter maar eens naar ons van­uit De­ven­ter'', roept hij voor­dat de meu­te los­gaat op Myjers lied La­la­la Lei­den. De kin­de­ren zin­gen het uit vol­le borst. ,,Stad waar ik nooit meer weg wil gaan.’’

Het is dit jaar voor de 24ste keer dat ba­sis­school­leer­lin­gen uit de groe­pen 7 en 8 bij el­kaar ko­men om lied­jes over Lei­den te zin­gen. Uit Lei­den en de vier dor­pen er om­heen ko­men ze, de mees­ten op de fiets. Even na 12 uur kleu­ren de we­gen rich­ting bin­nen­stad flu­o­res­ce­rend geel en oran­je. Ze zijn in aan­tocht!

Op de om­muur­de Ga­ren­markt is het net als bij de gro­te men­sen op 3 ok­to­ber: ie­der­een komt be­ken­den te­gen. Kin­de­ren gil­len naar el­kaar als ze een vriend­je van de voet­bal zien, of een oud-klas­ge­noot­je. On­der­tus­sen tes­ten ze de tri­bu­nes rond het plein al­vast op ste­vig­heid. Dui­zen­den kin­der­voe­ten rof­fe­len er op als trom­mels. Als de plan­ken dat ge­weld aan­kun­nen, zul­len ze ook de rest van het week­ein­de wel over­le­ven. ,,Door jul­lie ko­men we al­le­maal in de juis­te stem­ming'', zegt bur­ge­mees­ter Len­fe­rink. Hij hangt zijn ambts­ket­ting om bij zijn il­lus­te­re voor­gan­ger, trekt een ge­brei­de 3 ok­to­ber­trui aan en gaat er lek­ker voor zit­ten. Ge­du­ren­de vijf kwar­tier is hij even vrij.

,,Heb je van de Zil­ve­ren Vloot wel ge­hoord, De Zil­ve­ren Vloot uit Span­je?’’ en ,,In naam van Oran­je, doe open de poort! De Wa­ter­geus ligt aan den wal.’’ Waar in Ne­der­land zin­gen kin­de­ren van tien, elf en twaalf jaar dit uit vol­le borst? Waar roe­pen kin­de­ren mas­saal ’jááááh’ als ie­mand op een po­di­um vraagt of ze huts­pot lus­ten? Waar blij­ven kin­de­ren rus­tig zit­ten, zelfs al gaat het re­ge­nen?

Bij ge­brek aan Jo­chem Myjer komt er een an­de­re gang­ma­ker het po­di­um op. Lei­de­naar Wil­lem Speel­man kruipt uit zijn graf en doet voor hoe hij lang ge­le­den een brief­je mee­gaf aan een van zijn dui­ven. Een brief­je dat be­stemd was voor Wil­lem van Oran­je. ,,Om­dat jij dit hebt ge­daan, wil ik jou een ode ge­ven. Ik noem je voort­aan Wil­lem van Dui­ven­bo­de'', zegt bur­ge­mees­ter Van der Werf. Daar­na wor­den er een paar dui­ven los­ge­la­ten.

Wil­lem van Dui­ven­bo­de be­gint aan een ron­de langs de kin­de­ren, die een high five van hem wil­len, of een dans­je met hem doen. Al­le­maal leuk. Maar vol­gend jaar wil­len we Jo­chem weer.