Placeholder image

Verhaal van de dag: Geen klassen meer maar 'units'

27 juni 2018
Woutertje van Leyden, de jongste basisschool van Stichting Openbaar Primair en Speciaal Onderwijs Leiden (PROOLeiden), gooit na de zomer het roer om. De school heeft straks geen traditionele klassen meer met pakweg 25 tot 30 kinderen en ťťn leerkracht voor de klas, maar 'unit-onderwijs'. Dat betekent dat er twee grotere 'units' zijn op school, met daarin kinderen van verschillende leeftijden. (Bron: Leidsch Dagblad, 27 juni 2018, Annet van Aarsen)
Wou≠ter≠tje van Ley≠den zit in een wat ou≠der school≠ge≠bouw aan de Leid≠se Hout≠markt. Een school met ge≠wo≠ne klas≠lo≠ka≠len en ge≠wo≠ne klas≠sen, niks bij≠zon≠ders. Maar na de zo≠mer gaat het les≠sys≠teem op deze jon≠ge ba≠sis≠school, die op 1 ja≠nu≠a≠ri 2017 open ging, he≠le≠maal op de schop. Van≠af dat mo≠ment zijn er geen tra≠di≠ti≠o≠ne≠le klas≠sen meer, maar twee 'u≠nits': een voor grof≠weg de on≠der≠bouw en ťťn voor de bo≠ven≠bouw. In zo'n unit krij≠gen tot tach≠tig leer≠lin≠gen van ver≠schil≠len≠de leef≠tij≠den les.
,,Het komt ei≠gen≠lijk voort uit een pro≠ject van PROOLei≠den, dat Droom≠school heet'', zegt Leon Plomp, die sa≠men met Hans Nijs≠sen de school≠lei≠ding heeft. Wou≠ter≠tje van Ley≠den ging na≠den≠ken hoe de ide≠a≠le ba≠sis≠school er in de toe≠komst uit zou moe≠ten zien. ,,Wat heb≠ben kin≠de≠ren no≠dig? Vol≠doet het klas≠sie≠ke on≠der≠wijs≠mo≠del - met der≠tig kin≠de≠ren in een klas≠lo≠kaal en ťťn leer≠kracht, met les≠me≠tho≠des voor taal, re≠ke≠nen, we≠reld≠o≠riŽn≠ta≠tie en≠zo≠voort - met het oog op de toe≠komst nog wel?

Ta≠len≠ten

,,Wat je nu al steeds meer ziet is dat ta≠len≠ten van men≠sen heel be≠lang≠rijk wor≠den. En in≠ter≠per≠soon≠lijk con≠tac≠t'', zegt Plomp. ,,Twee vaar≠dig≠he≠den - ze wor≠den met een En≠gel≠se term wel '21st cen≠tu≠ry skills' ge≠noemd - die in het on≠der≠wijs heel erg in de be≠lang≠stel≠ling staan. Het zijn nou juist twee vaar≠dig≠he≠den die in het klas≠sie≠ke on≠der≠wijs≠mo≠del niet echt de na≠druk krij≠gen.''

In het unit-on≠der≠wijs is dat wel het ge≠val. Al is Wou≠ter≠tje van Ley≠den de eer≠ste school in de stad die over≠stapt, in den lan≠de heb≠ben ver≠schil≠len≠de scho≠len er al meer er≠va≠ring mee. Over het al≠ge≠meen zijn de er≠va≠rin≠gen po≠si≠tief, hoe≠wel uniton≠der≠wijs niet per se tot bij≠voor≠beeld ho≠ge≠re cito-sco≠res leidt. Maar er is vol≠gens leer≠krach≠ten die er al mee wer≠ken, meer ruim≠te voor maat≠werk en voor uit≠leg. En door≠dat kin≠de≠ren van ver≠schil≠len≠de leef≠tij≠den en met ver≠schil≠len≠de ta≠len≠ten sa≠men le≠ren en wer≠ken, le≠ren zij van el≠kaar. Ze le≠ren sa≠men≠wer≠ken en ze le≠ren le≠ren.

Voor de leer≠krach≠ten is het ook pret≠tig wer≠ken, zegt Plomp: zij kun≠nen veel meer ge≠bruik ma≠ken van el≠kaars kwa≠li≠tei≠ten en dat komt het on≠der≠wijs en de kin≠de≠ren ten goe≠de. De een houdt nu een≠maal meer van re≠ken≠les ge≠ven en de an≠der is be≠ter in taal.

Mi≠ni≠maat≠schap≠pij

,,Ei≠gen≠lijk kun je zeg≠gen dat we met het unit-on≠der≠wijs een mi≠ni≠maat≠schap≠pij in de school heb≠ben. De kin≠de≠ren gaan niet al≠leen meer om met hun leef≠tijds≠ge≠no≠ten in de klas maar ook met ou≠de≠re en jon≠ge≠re kin≠de≠ren'', zegt Plomp. ,,Ei≠gen≠lijk doen we dat nu ook al re≠gel≠ma≠tig. We heb≠ben ta≠lent≠mo≠men≠ten en dan loopt de hele school door el≠kaar heen, van vier tot acht, ne≠gen jaar. Onze kin≠de≠ren ken≠nen el≠kaar al≠le≠maal bij naam.''

De ou≠ders zijn be≠hoor≠lijk be≠trok≠ken bij alle ont≠wik≠ke≠lin≠gen, zegt de school≠lei≠der. ,,Het is oe≠fe≠nen met el≠kaar, vorm≠ge≠ven, creŽ≠ren'', al≠dus Plomp. ,,De ou≠ders heb≠ben een be≠lang≠rij≠ke rol in het mee≠den≠ken en ini≠tiŽ≠ren, soms ook een rol op uit≠voe≠rings≠ni≠veau. Ze doen veel on≠der≠steu≠nend werk, den≠ken ook mee over de in≠houd. Ie≠der≠een is er≠bij be≠trok≠ken: kin≠de≠ren, leer≠krach≠ten, ou≠ders, be≠stuur. Ook de ex≠perts van bui≠ten doen mee. We wer≠ken bij≠voor≠beeld veel met de men≠sen van Tech≠no≠lab en met de Pabo.''

In au≠gus≠tus be≠gint de school met twee units. ,,In unit 1 ko≠men de jon≠ge kin≠de≠ren, twee leer≠ja≠ren. En in unit 2 zit≠ten de ou≠de≠re kin≠de≠ren, drie leer≠ja≠ren. Om≠dat we nog maar net zijn be≠gon≠nen als school, heb≠ben we nu nog niet meer leer≠ja≠ren. Unit 1 groeit uit tot tach≠tig leer≠lin≠gen, in unit 2 on≠ge≠veer 45'', zegt Plomp. ,,Ui≠t≠ein≠de≠lijk ko≠men we uit op drie units met elk tach≠tig leer≠lin≠gen, 240 bij el≠kaar op≠ge≠teld: dan is dit school≠ge≠bouw vol.''

Men≠tor

Bin≠nen de units zijn de kin≠de≠ren weer ver≠deeld in groe≠pen, met een ei≠gen men≠tor die ze in elk ge≠val aan het be≠gin en aan het ein≠de van de dag zien. ,,Zie de men≠tor als een vei≠li≠ge ha≠ven, een vast ijk≠punt. Daar ga je naar≠toe als je op je knie bent ge≠val≠len'', al≠dus Plomp. ,,Zo'n unit lijkt mis≠schien heel groot, maar het heeft ze≠ker struc≠tuur en dui≠de≠lijk≠heid. In prin≠ci≠pe zou ie≠der kind hier moe≠ten kun≠nen ge≠dij≠en. Heb je als kind veel be≠hoef≠te aan struc≠tuur, dan blijf je dich≠ter bij je men≠tor.''

Er zijn scho≠len en col≠le≠ga's die met in≠te≠res≠se naar Wou≠ter≠tje van Ley≠den kij≠ken en de school zelf kijkt weer met veel in≠te≠res≠se naar hoe an≠de≠re scho≠len in het land al zijn be≠gon≠nen met uniton≠der≠wijs. Niet elke vorm die er al be≠staat, zou wer≠ken op de school aan de Hout≠markt. Wat wel werkt, wordt de ko≠men≠de ja≠ren 'uit≠ge≠von≠den'. Wou≠ter≠tje van Ley≠den kiest voor een lang≠zaam ont≠wik≠ke≠lings≠mo≠del, waar≠bij er tel≠kens tijd en ruim≠te wordt ge≠no≠men om te≠rug en voor≠uit te kij≠ken. ,,Als we een stap zet≠ten, gaan we kij≠ken: is het goed of past het niet? Daar≠mee voor≠ko≠men we dat we on≠ver≠wach≠te za≠ken mis≠sen, of dat we een kant op gaan waar we la≠ter niet blij mee zijn. Daar≠mee zal het ont≠wik≠ke≠len van ons uniton≠der≠wijs mis≠schien iets lang≠za≠mer gaan, maar we krij≠gen er meer kwa≠li≠teit door en ook meer draag≠vlak'', zegt Plomp.

,,Heel span≠nend om hier vorm aan te gaan ge≠ven. De plan≠nen zijn ze≠ker nog niet he≠le≠maal dicht≠ge≠tim≠mer≠d'', zegt zijn col≠le≠ga Hans Nijs≠sen. ,,Het leu≠ke vind ik de plek die ou≠ders heb≠ben in onze school. Dat is an≠ders dan bij an≠de≠re scho≠len, we staan meer naast el≠kaar. Veel ken≠nis die we nu bij onze ont≠dek≠kings≠tocht op≠doen, krij≠gen we van de ou≠ders aan≠ge≠reikt.''

De school is nu be≠zig met het uit≠brei≠den van het team. ,,Het zijn al≠le≠maal men≠sen die hou≠den van ver≠nieu≠wen, van aan≠pak≠ken, van sa≠men din≠gen ont≠wik≠ke≠len'', zegt Plomp. Er is nog veel te doen, er moet nog veel wor≠den na≠ge≠dacht... Moet er een schuif≠wand ko≠men tus≠sen die tra≠di≠ti≠o≠ne≠le klas≠lo≠ka≠len, bij≠voor≠beeld. Maar van≠af au≠gus≠tus is Wou≠ter≠tje van Ley≠den de eer≠ste Leid≠se school met unit-on≠der≠wijs.




Fluisteraars op Woutertje van Leyden

Het past pre≠cies bij het unit-on≠der≠wijs: Wou≠ter≠tje van Ley≠den is sinds kort of≠fi≠ci≠eel een 'ta≠lent≠fluis≠ter≠school'. De leer≠krach≠ten zijn op≠ge≠leid tot ta≠lent≠fluis≠te≠raars. Ze heb≠ben ge≠leerd om in ge≠sprek≠ken met hun leer≠lin≠gen op zoek te gaan naar de ta≠len≠ten van de kin≠de≠ren. Dat hoe≠ven niet per se de din≠gen te zijn waar de kin≠de≠ren enorm in uit≠blin≠ken, het gaat om din≠gen waar ze veel ener≠gie van krij≠gen. „DŠt is ta≠lent", zegt Leon Plomp. "On≠ze leer≠krach≠ten heb≠ben er dan weer ta≠lent voor om de kin≠de≠ren be≠wust te la≠ten wor≠den van hun ta≠len≠ten en hoe ze die ta≠len≠ten het bes≠te kun≠nen be≠nut≠ten. Bin≠nen school, maar ook daar≠bui≠ten."

Hij geeft er een voor≠beeld van. ,,Tij≠dens een ta≠lent≠ge≠sprek met een klein groep≠je leer≠lin≠gen zegt een leer≠ling: 'Ik ben een her≠kau≠wer! Ik denk al≠tijd lang na over iets wat op school is ge≠beurd en daar kan ik mij druk om blij≠ven ma≠ken.' In de klas wa≠ren leer≠lin≠gen uit jaar≠groep 4 een ta≠lent≠ge≠sprek met el≠kaar aan het voe≠ren. Wat is ta≠lent? En wat kan ik ei≠gen≠lijk al waar ik mij nog niet be≠wust van ben? Kin≠de≠ren zien de ta≠len≠ten van el≠kaar te≠rug in de ver≠schil≠len≠de pla≠ten van Luk De≠wulf, ont≠wik≠ke≠laar Ta≠lent≠fluis≠te≠ren. Niet elk kind kan een ta≠lent bij zich≠zelf ont≠dek≠ken, daar≠om zijn de ta≠lent≠ge≠sprek≠ken ook zo waar≠de≠vol, want de kin≠de≠ren zien de ta≠len≠ten wel bij el≠kaar.''