Placeholder image

Klaar voor een   nieuw tijdperk

12 juli 2016
De basisscholen in Leiden en omgeving zwaaiden deze week groep 8 uit, aan het begin van de zomervakantie. De Lucas van Leydenschool aan de Vliet gooide de leerlingen gisteren de school uit. Vier leerlingen blikken terug op hun basisschooltijd en vertellen hoe ze zich voelen nu hun leven behoorlijk gaat veranderen. (Bron: Leidsch Dagblad, 8 juli 2016, Janneke Dijke)
De over­gang van de ba­sis­school naar de mid­del­ba­re school is voor de mees­te kin­de­ren nog­al groot.
Van de oud­ste ben je op­eens de jong­ste, en de mid­del­ba­re school is mee­st­al meer dan twee keer zo groot als je ba­sis­school. Be­hal­ve als je in Lei­den op een gro­te ba­sis­school als de Lo­rentz­school of de Jo­seph­school zit, dan ver­schilt de groot­te niet zo enorm. 
Of je daar zin in hebt of er juist te­gen­op ziet, ver­schilt per kind. De een vindt het leuk om elk uur in een an­der lo­kaal les te krij­gen, de an­der wordt al on­rus­tig bij het idee. 
Wat de mees­te groep 8’ers met el­kaar ge­meen heb­ben, is dat ze meer vrij­heid krij­gen en daar enorm van ge­nie­ten. Zo­als deze vier leer­lin­gen, die af­scheid ne­men van de Lu­cas van Ley­den­school en staan te po­pe­len om de rest van Lei­den te ver­o­ve­ren. Niet voor niets zegt een van de leer­lin­gen, Rein Kutsch Lo­j­en­ga: ,,Het is een nieuw tijd­perk.’’

 

Lila: ’Lekker zelf naar de stad’

Lila Cen­giz (12) gaat na de zo­mer naar het Da Vin­ci Col­le­ge aan de Ka­gerstraat. ,,Als kleu­ter had ik al­leen maar jon­gens­vrien­den. We za­ten al­tijd in de zand­bak of met blok­ken te spe­len. Ik ben vrij jon­gens­ach­tig, ik ben niet zo’n meis­je-meis­je. Ik speel nog steeds veel met jon­gens, maar ik heb nu ook meis­jes­vrien­den. Ik vind het leuk om ou­der te wor­den. Je krijgt meer vrij­heid en dat is fijn. Op school loopt de juf niet meer met je mee als je er­gens an­ders moet wer­ken. Ze zegt: ga maar kij­ken waar je kan zit­ten. Thuis ben ik de oud­ste. Ik mag meer din­gen dan m’n zus­jes. Ik mag la­ter bui­ten blij­ven en al­leen naar de stad, bij­voor­beeld als ik met m’n vrien­din­nen een ca­deau­tje ga ko­pen. Dat mocht ik vroe­ger niet en dat vind ik heel leuk. Aan de an­de­re kant moet ik ook meer doen. Met het af­rui­men moet ik het nu per se in de vaat­was­ser zet­ten. Dat is soms een beet­je ir­ri­tant.
Na de zo­mer ga ik naar het Da Vin­ci Ka­gerstraat. Ik heb er op zich wel zin in, maar deze klas is ook heel leuk. Ik heb niet zo’n zin om er uit weg te gaan. Je kent ie­der­een goed. Dat gaat in m’n nieu­we klas wel even du­ren.’’

 

Silvester: ’Iets nieuws ontdekken'

Silvester Smit (12) gaat na de zomervakantie naar het Bonaventuracollege aan de Burggravenlaan.
,,Van mijn kleu­ter­tijd weet ik niet veel meer. Ik weet nog in welk lo­kaal ik zat, en met wie ik speel­de: Ta­rik, Max en Lila. Maar ik weet niet meer wat we de­den. Ik ben wel ver­an­derd. Vroe­ger deed ik van die fan­ta­sie­spel­le­tjes en an­de­re gek­ke din­gen. Nu voet­bal ik, of ik doe 'ie­mand is hem, nie­mand is hem’. Vroe­ger moest ik om al­les la­chen en kon me echt niet con­cen­tre­ren in de klas. Dat is nu veel min­der. Dat is fijn, want ik kreeg veel straf.
Toen ik klein was, ging ik na school­tijd al­leen naar het school­plein. Ver­der kwam ik niet. Nu ik ou­der ben, mag ik over­al naar toe, dat vind ik echt fijn. Als ik echt heel ver weg ga, zo­als rich­ting de Jo­seph­school, dan zeg ik wel waar ik heen ga. Ik vind dat leuk, want hier in de buurt ken ik al­les wel. Ik wil nieu­we din­gen ont­dek­ken. 
Ik vind het nog steeds heel leuk hier. Het maakt me niet zo­veel uit dat ik van deze school af ga. Op m’n nieu­we school maak ik wel weer nieu­we vrien­den. En ik heb de hele klas in m’n con­tac­ten staan, dus we kun­nen al­tijd nog af­spre­ken.’’

Evie: ’Nieuwe vrienden maken’

Evie Prein (11) gaat na de zo­mer naar het Bo­na­ven­tura­col­le­ge aan de Burg­gra­ven­laan.
,,Bij de kleu­ters had ik een paar hele goeie vrien­din­nen. Die zit­ten nu in groep 7. Ik denk ei­gen­lijk niet veel meer aan die tijd. Ik weet nog wel dat je met­een straf kreeg als je als kleu­ter over de streep kwam bij het bui­ten­spe­len. Nu mag je er ge­woon over­heen.
Ik denk er­aan dat ik ou­der word door­dat ik een fo­to­lijst­je in mijn ka­mer heb han­gen met alle klas­sen­fo­to's. Daar­op zie je dat je tel­kens gro­ter wordt en lan­ger haar krijgt. Ver­der moet je steeds meer din­gen zelf gaan doen. Nu ma­ken mijn ou­ders m’n brood klaar. Op de mid­del­ba­re school moet ik dat, denk ik, zelf gaan doen. Ze hel­pen me nu nog bij mijn huis­werk.
Mijn op­pas zei pas dat ik een pu­ber word. Dat klopt wel, denk ik. Pas werd ik boos op m’n broer­tje en toen dacht ik: waar komt dat nou van­daan?
Ik heb er zin in om naar het Bona te gaan, om­dat je daar al­le­maal nieu­we vrien­den kan ma­ken. Het is een hele gro­te school. Het lijkt me leuk om van de ene naar de an­de­re les te lo­pen. Ik zie er niet echt te­gen­op om de klein­ste te zijn. Je wordt van­zelf weer de oud­ste.’’