Placeholder image

Schooldirecteur Woutertje Pieterse vertelt over zijn baan

29 mei 2017
Een directeur hoort bij de school, zoals de bel, de leerkrachten en de leerlingen. Maar weet je waar jouw directeur zich de hele dag mee bezighoudt? En is het management misschien iets voor jou? 'Juf & Meester' dook in de wereld van de schoolleiders en sprak drie directeuren. (Bron: Blad 'Juf & Meester)

De tijd dat een hoofdmeester de school leidde, ligt achter ons. De afgelopen decennia veranderde het takenpakket van de schooldirecteur ink. Steeds minder directeuren staan zelf ook voor de klas. Tegenwoordig zijn ze druk met het ontwikkelen van een onderwijsvisie, kwaliteitsverbetering en het ‘in de markt zetten’ van de school.
En het is geen exclusief mannenberoep meer. In een laatste peiling van het Schoolleidersregister PO blijkt dat 47 procent van de schooldirecteuren en locatieleiders vrouw is. Hoewel je steeds meer schooldirecteuren van buiten het onderwijs ziet, was het grootste deel ooit zelf leerkracht. 

Maarten Langezaal is directeur van OBS Woutertje Pieterse in Leiden. Hij werkte als facilitair manager bij de Rabobank en de overheid, deed als zij-instromer de pabo, maar stond nooit voor de klas. Een half jaar geleden maakte hij toch de overstap naar het onderwijs, van een team van 400 mensen naar een school met 400 leerlingen. 

Hoe was de overgang voor hem?
‘Het onderwijs is keihard werken en schip- peren met beperkte middelen. Dat is wennen, maar ook uitdagend. Nieuw is dat ik op veel borden tegelijk moet schaken. Een schooldirecteur is een duizendpoot. Je hebt met verschillende mensen te maken: leerkrachten, ouders, leerlingen, de gemeente, de kring passend onderwijs... In de eerste week leerde ik meteen een belangrijke les. Als er ouders met een probleem kwamen, kwam ik in de verleiding om het meteen op te lossen. Nu plan ik een afspraak met ze, met de leerkracht erbij, en bereid het gesprek goed voor.’
Als directeur van ‘buiten’ heeft hij soms een andere kijk op dingen. ‘Ik stel vragen die anderen mis- schien niet stellen. En ik vraag door. Bijvoorbeeld over waarom we binnen de stichting soms samen- werken en soms elke school laten kiezen wat hij doet. Ook stel ik vragen aan mijn leerkrachten als ze bij me komen. Ik stimuleer ze om niet te afhankelijk van mij te zijn.’ 

Lees het volledige artikel hier.